weebly reliable statistics
Cafer Çakir - Moordzaken
Cafer Çakir

Uit Moordzaken

Ga naar: navigatie, zoeken
Man.png
Cafer Çakir
Leeftijd 48 jaar
Datum 2 juli 2010
Moordplaats Amsterdam
Moordwijze Schietwapen
Status Opgelost
Misdrijf Moord
Straf 22 jaar
ECLI ECLI:NL:GHAMS:2012:BY0040

Op 2 juli 2010 omstreeks 20.15 uur lopen Cafer Çakir, [H.U.] en [U.C.] net voorbij restaurant Konak op de Burgemeester De Vlugtlaan te Amsterdam. Zij zien dat de verdachte vanaf de overzijde van de weg op hen af komt rennen. Hij heeft een vuurwapen in zijn hand. Cafer Çakir zegt iets als: "Kom rennen", waarna hij en [U.C.] door de onderdoorgang van de Burgemeester De Vlugtlaan naar de Theodorus Dobbestraat rennen. [H.U.] blijft bij de onderdoorgang aan de zijde van de Burgemeester de Vlugtlaan staan. Zij probeert de verdachte tegen te houden en schreeuwt tegen hem: "Niet doen, niet doodmaken. Maak mij maar dood". Daarop richt de verdachte het wapen op de benen van [H.U.] en schiet. Zij wordt tweemaal in haar linker bovenbeen geraakt. Ook schiet de verdachte eenmaal op [U.C.], die dan nog aan het einde (bij de Theodorus Dobbestraat) van de onderdoorgang staat.

De verdachte rent daarna door de onderdoorgang in de richting van de Theodorus Dobbestraat en Cafer Çakir en [U.C.]. [U.C.] hoort hem daarbij schreeuwen: "Ik ga jullie allemaal doodmaken, ik ga je uit de geschiedenis verwijderen". In de Theodorus Dobbestraat schiet de verdachte nog twee keer op de wegrennende [U.C.], die ter hoogte van de Willem Pieter Speelmanstraat 3 hevig bloedend op de stoep blijft liggen.

[U.C.] heeft ernstig letsel opgelopen, bestaande uit schotwonden in zijn rechtervoet, laag in zijn rug (inschot) en buik/borst (uitschot) en aan de rechterzijde van zijn hals. Er is sprake van meerdere perforaties van de darm, een bloeding van de darmslagader, een beschadiging van de rechternier en een naviculare fractuur in zijn rechtervoet. Zonder medisch ingrijpen had in het bijzonder het letsel in de buik op korte termijn tot de dood kunnen leiden. De wond in de hals heeft de inschotwond hoog op de rug rechts (het hof begrijpt: aan de bovenzijde van het schouderblad) en de uitschotwond rechts uit de hals/schouder (het hof begrijpt: de zijkant van de hals net boven het sleutelbeen). De wond aan de rechtervoet heeft de inschotwond net boven de hiel (de kogel is operatief verwijderd links onder de wreef). Op de kruising van de Burgemeester De Vlugtlaan en de Burgemeester Fockstraat raken de verdachte en [C.C.] met elkaar in gevecht. Een omstander heeft daarvan opnames gemaakt met zijn mobiele telefoon en deze aan de politie overhandigd.

Voor zover van belang blijkt daaruit het volgende. De verdachte heeft gedurende de gehele vechtpartij een pistool in de hand. Hij slaat [C.C.] hiermee meermalen tegen de linkerzijde van het hoofd en in het kruis (0.29, 0:43 en 1:58). Op een gegeven moment komen de verdachte en [C.C.] ten val op de rijbaan van de Burgemeester Fockstraat (0:59). Als [C.C.] met zijn rug op het wegdek ligt, pakt de verdachte het wapen in zijn rechterhand. Hij houdt het wapen bij de loop vast met de kolf naar beneden en slaat enkele malen hard met de kolf op het hoofd van [C.C.] (1:03 en 1:07). De verdachte heeft in zijn rechterhand het wapen en in zijn linkerhand een patroonmagazijn (1:40). Hij probeert het patroonmagazijn in het wapen te plaatsen en [C.C.] probeert dit te voorkomen (1:51 en 2:10 en 2:15). Een man in een geruite Bermuda (het hof begrijpt: [getuige 4]) komt naar hen toe en probeert ze uit elkaar te halen (2:15). Twee andere mannen (man 4 en man 5) helpen daarbij (2:16). De verdachte probeert weer het patroonmagazijn in het wapen te plaatsen, maar man 4 belet dit (2:18). [getuige 4] duwt de verdachte naar achteren bij [C.C.] vandaan. De verdachte probeert nog steeds het patroonmagazijn in het wapen te plaatsen. [C.C.] pakt zijn jas van het trottoir en loopt weg. De verdachte draait weg van [getuige 4] en plaatst het patroonmagazijn in het wapen (2:27). [getuige 4] probeert te voorkomen dat de verdachte achter [C.C.] aangaat en duwt de verdachte weg. De verdachte pakt het wapen in zijn linkerhand en loopt achter [C.C.] aan. Hij maakt een heftig gebaar naar [getuige 4] (2:30). De verdachte loopt resoluut weg achter [C.C.] aan. [getuige 4] en de anderen volgen op afstand (2:34). De camerapositie verplaatst zich over het fietspad van de Burgemeester Fockstraat naar rechts de Theodorus Dobbestraat in (2:40). Op de beelden is vervolgens te zien dat [C.C.] op de binnenplaats van Theodorus Dobbestraat 72-74 staat. [C.C.] en de verdachte staan tegenover elkaar, van elkaar gescheiden door een ongeveer 1,4 meter hoog stenen muurtje (3:02). Het gezicht van [C.C.] zit onder het bloed, vooral zijn voorhoofd, neus en de linkerzijde van zijn gelaat. Er is een luide schreeuw te horen: "Genoeg. Je hebt genoeg geslagen. Doe het nou niet...(ntv) vrouw" (3:07). Er klinkt een schot. [C.C.] wankelt en draait enigszins om zijn as (3:14). De verdachte brengt het wapen ter hoogte van het hoofd van [C.C.] en er klinkt opnieuw een schot (3:15), waarna [C.C.] direct valt. Nadat de verdachte [C.C.] heeft neergeschoten, loopt [A.U.] de binnenplaats op. Zij slaat en duwt de verdachte richting de uitgang van de binnenplaats (3:24).


Uitspraak

Gerechtshof Amsterdam, 11 oktober 2012

De verdachte heeft zich binnen een kort tijdsbestek schuldig gemaakt aan een reeks zeer ernstige strafbare feiten. Zo heeft hij zich schuldig gemaakt aan de poging tot zware mishandeling van zijn vrouw [H.U.], door haar tweemaal in haar been te schieten. De omstandigheid dat zij hierdoor in juridische zin geen zwaar lichamelijk letsel heeft opgelopen is een gelukkige, die geenszins aan de verdachte te danken is. Door zijn handelen heeft de verdachte zijn vrouw niet alleen pijn en letsel toegebracht, maar ook een traumatische ervaring bezorgd, hetgeen ook blijkt uit haar schriftelijke slachtofferverklaring. Hij heeft zich voorts schuldig gemaakt aan de poging tot moord op zijn neef [U.C.], door drie keer op hem te schieten, waardoor hij in zijn voet en tweemaal in zijn rug is geraakt. Hij heeft [U.C.] hierdoor levensgevaarlijk verwond. Er was sprake van perforaties van de darm, een bloeding van de darmslagader, een beschadiging van de rechternier en een fractuur in de rechtervoet. Zonder medisch ingrijpen had in het bijzonder het letsel in de buik op korte termijn tot de dood kunnen leiden. Dat [U.C.] uiteindelijk niet is overleden, is het gevolg van adequaat medisch ingrijpen en is niet te danken aan enig handelen van de verdachte. De verdachte heeft zich na het toebrengen van het letsel niet verder om zijn neef bekommerd en hem op respectloze wijze op de stoep achtergelaten in zijn verdere achtervolging van [C.C.]. [U.C.] zal door het verlies van zijn vader en de littekens van zijn verwondingen blijvend worden herinnerd aan deze verschrikkelijke dag. Een zware last, zo blijkt ook uit zijn schriftelijke slachtofferverklaring, waarmee hij zal moeten leren leven.

Ook heeft de verdachte zich eerst schuldig gemaakt aan zware mishandeling van zijn zwager [C.C.], door hem met de kolf van het wapen meermalen hard tegen het hoofd te slaan, waardoor [C.C.] ernstig hersenletsel en een indeuking van het schedeldak heeft opgelopen. Een en ander vond plaats gedurende een heftige vechtpartij. [C.C.] moet zich tijdens die vechtpartij bewust zijn geweest van het wapen in de hand van de verdachte en het feit dat de verdachte probeerde een nieuw patroonmagazijn in dit wapen te plaatsen. Dit reeds moet voor [C.C.] een buitengewoon angstige ervaring zijn geweest. De verdachte heeft vervolgens de inmiddels weer op de vlucht geslagen [C.C.], die hevig aan zijn hoofd bloedde en reeds zwaar aangeslagen moet zijn geweest door het later bij hem geconstateerde hersenletsel, opnieuw achtervolgd en hem, de (-ex)man van verdachtes zuster en vader van een dochter en twee zonen, onder wie de al door de verdachte neergeschoten [U.C.], vervolgens in koelen bloede met twee kogels om het leven gebracht. Ten slotte heeft hij zijn zuster [A.U.] bedreigd door het wapen op haar te richten nadat zij getuige was geweest van het neerschieten van haar (ex-)man door de verdachte. Het kan niet anders dan dat de verdachte door zo te handelen ook zijn zuster grote angst heeft aangejaagd.

Evenals de rechtbank rekent het hof het de verdachte zwaar aan dat hij zich bij vol daglicht te midden van vele toevallige omstanders onder wie ook veel buitenspelende kinderen met een wapen op de openbare weg heeft begeven en binnen een kort tijdsbestek op drie verschillende locaties op drie personen heeft geschoten. Het moet voor de omstanders een schokkende ervaring zijn geweest om met name het in de rug neerschieten van een wegvluchtende jongeman waar te nemen, gevolgd door eerst het meerdere malen krachtig en tot bloedens toe slaan met een vuurwapen op het hoofd van [C.C.] en daarna het koelbloedig neerschieten van [C.C.]. Daarnaast moet het overlijden van [C.C.] een ingrijpende ervaring zijn voor diegenen met wie hij in zijn leven verbonden was, hetgeen ook is gebleken uit de door [F.C.] ter terechtzitting in hoger beroep afgelegde verklaring. Het behoeft geen betoog dat door dergelijke misdrijven de rechtsorde ernstig wordt geschokt. Met zijn handelen heeft de verdachte blijk gegeven van een gebrek aan respect voor het meest fundamentele recht van een mens, namelijk het recht op leven. Dit alles acht het hof buitengewoon ernstig en het hof rekent dit de verdachte zwaar aan.


Het hof veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 22 (tweeëntwintig) jaren.