Uit Moordzaken.com
![]() | |
| Kirsten van Berkom | |
|---|---|
| Leeftijd | 32 jaar |
| Datum | 5 mei 2010 |
| Moordplaats | Oss |
| Moordwijze | Steekwapen |
| Status | Opgelost |
| Misdrijf | Doodslag |
| Straf | 12 jaar |
Op donderdag 5 mei 2010 begeven agenten zich naar een woning aan de Bongerd te Oss, na een melding. Wanneer zij zichzelf toegang verschaffen tot de woning, vinden zij bij de deur van de woonkamer het ontzielde lichaam van de 32-jarige Kirsten van Berkom. Zij blijkt doodgestoken.
Verdachte
De man van Kirsten en haar kinderen zijn niet in de woning aanwezig. Na een tip gaan agenten naar het huis van de vader van de dan 35-jarige echtgenoot, en daar wordt hij, samen met zijn kinderen aangetroffen. De man legt direct een bekennende verklaring af en wordt aangehouden.
Kirsten wilde van haar man scheiden en had de procedure in gang gezet.
Uitspraak
Rechtbank Rotterdam, 10 september 2012
Verdachte heeft zijn vrouw naar de grond gebracht in de keuken in de nabijheid van de koelkast en de eettafel. Daar heeft hij haar onder bedwang gehouden met zijn armen en knie/bovenbeen. Vervolgens heeft hij met zijn rechterhand een keukenla achter hem geopend en daar op de tast een mes gepakt, waarmee hij haar één messteek heeft toebracht linksonder in haar buik. Zijn vrouw verzette zich, waarbij ze tegen de koelkast en de eettafel heeft geschopt. Er ontstond daarbij een worsteling, waardoor haar lichaam zich heeft verplaatst naar de rand van de keuken op de drempel naar de woonkamer. Daar heeft verdachte haar de overige messteken toegebracht.
Verdachte heeft zijn vrouw op afschuwwekkende wijze van het leven beroofd. Daarmee heeft hij de nabestaanden groot leed berokkend. Zij zullen moeten leven met het onomkeerbaar verlies van een dierbare. Dat geldt in het bijzonder voor de kinderen van verdachte. Zij groeien op zonder moeder in de wetenschap dat hun vader haar heeft gedood. Een dergelijk feit schokt ook de samenleving als geheel en brengt maatschappelijke onrust en gevoelens van onveiligheid met zich mee. De rechtbank rekent het verdachte zwaar aan dat hij het slachtoffer heeft achtergelaten, zonder zich verder om haar te bekommeren. Dat klemt temeer, omdat gelet op de uitkomsten van het sectierapport niet valt uit te sluiten dat zij nog leefde toen verdachte haar in de woning achterliet. Hij heeft naar eigen zeggen tot aan zijn aanhouding enkele uren later eenvoudigweg niet stilgestaan bij de vraag, of het leven van zijn vrouw nog kon worden gered. Bij de bepaling van de strafmaat heeft de rechtbank verder meegewogen dat verdachte geweigerd heeft mee te werken aan een onderzoek naar zijn geestvermogens. Nu daarom over de mate van toerekenbaarheid geen uitsluitsel valt te geven, gaat de rechtbank ervan uit dat verdachte het bewezen verklaarde feit volledig kan worden toegerekend. Door zijn weigering heeft verdachte het bovendien onmogelijk gemaakt een op deskundig onderzoek gebaseerde inschatting te maken van het recidiverisico. Niet kan worden vastgesteld of aan zijn daad een persoonlijkheidsstoornis of psychiatrisch ziektebeeld ten grondslag ligt, die de kans op recidive verhoogt als deze onbehandeld blijft. Nadere onderzoeksvragen, zoals die zijn gesteld in de rapportage van het Pieter Baan Centrum van 10 maart 2011, blijven onbeantwoord. Het is dus op voorhand zeker niet uit te sluiten dat er een aanzienlijke kans op recidive van een ernstig geweldsincident is. De op te leggen straf dient dan ook niet alleen ter vergelding van het aangedane leed. Het dient ook ter bescherming van de maatschappij vanwege het niet in te schatten recidivegevaar.
De rechtbank zal een lichtere straf opleggen dan de door de officier van justitie gevorderde straf, omdat verdachte van moord wordt vrijgesproken en de rechtbank van oordeel is dat de op te leggen straf de ernst van het bewezen verklaarde voldoende tot uitdrukking brengt.
De rechtbank is van oordeel, dat in verband met een juiste normhandhaving niet kan worden volstaan met het opleggen van een andersoortige of geringere straf dan een gevangenisstraf welke vrijheidsbeneming meebrengt voor de duur als hierna te melden.
De rechtbank veroordeelt de verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 12 (twaalf) jaren.
