weebly reliable statistics
Gaffar Zahour - Moordzaken
Gaffar Zahour

Uit Moordzaken

Ga naar: navigatie, zoeken
Man.png
Gaffar Zahour
Leeftijd 44 jaar
Datum 3 januari 2014
Moordplaats Amsterdam
Moordwijze Steekwapen
Status Opgelost
Misdrijf Mishandeling met de dood tot gevolg
Straf 3 jaar
ECLI ECLI:NL:RBAMS:2014:8741

Op vrijdagochtend 3 januari 2014 wordt de 44-jarige Gaffar Zahour neergestoken in zijn coffeeshop aan de Oudezijds Voorburgwal neergestoken door zijn neef. Gaffar weet naar buiten te komen, alwaar hij in elkaar zakt. Gaffar wordt naar het ziekenhuis gebracht waar hij omstreeks 12:30 uur overlijdt aan zijn verwondingen.


Verdachte

De 53-jarige neef verklaard in eerste instantie dat hij getuige is, en wordt dus niet direct aangehouden. Als politie echter de bewakingsbeelden uit de coffeeshop bekijkt wordt al snel duidelijk dat de neef de steek moet hebben toegebracht.


Uitspraak

Rechtbank Amsterdam, 22 december 2014

Verdachte heeft het slachtoffer, de neef van verdachte, opzettelijk met een mes in zijn bovenbeen gestoken, ten gevolge waarvan het slachtoffer is overleden. Verdachte heeft met zijn handelen de dood veroorzaakt van een 44-jarige man en daarmee onherstelbaar leed en ontsteltenis bij diens nabestaanden teweeggebracht. Dit blijkt ook uit de slachtofferverklaring van een zuster van het slachtoffer, zoals deze ter zitting onder woorden is gebracht. Voor de samenleving in het algemeen geldt dat misdrijven als het onderhavige als zeer bedreigend worden ervaren en gevoelens van onrust en onveiligheid veroorzaken. Dit klemt temeer nu verdachte geen enkel inzicht in de redenen voor zijn handelen heeft willen geven. Dit rekent de rechtbank hem zwaar aan. De rechtbank heeft bij de strafoplegging acht geslagen op straffen die in soortgelijke zaken worden opgelegd. Gelet op het bovenstaande acht de rechtbank een gevangenisstraf van langere duur passend en geboden. Nu de rechtbank anders dan de officier van justitie uitgaat van zware mishandeling de dood ten gevolge hebbend, in plaats van doodslag, ziet de rechtbank aanleiding bij de strafoplegging aanzienlijk naar beneden af te wijken van de eis van de officier van justitie.


De rechtbank veroordeelt verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 3 jaren.